HWP 2 – HWP 3: jonkies maken gehakt van oudjes

HWP Sas van Gent 2RatingHWP Sas van Gent 3RatingRonde 9
Dreelinck, J. (Jacob)2202Coppenolle van, K. (Kurt)20701 – 0
Houtte van, R. (Randy)2117Wynkele van de, E. (Erik)20101 – 0
Boudry, W. (William)2091Wynkele van de, R. (Rudy)19401 – 0
Nemegeer, A. (Arne)2014Zwart de, J. (Johan)18891 – 0
Vantorre, N. (Nils)1929Coppenolle Van, L. (Lander)18480 – 1
Dutré, W. (Wonder)1914Rij van, G.K. (Gert)17861 – 0
Provoost, H. (Harry)2071Ongena, G. (Gilbert)15631 – 0
Dhooge, S. (Servaas)1691Colsen, M.M.M. (Manuel)15521 – 0
Gemiddelde Rating:2004Gemiddelde Rating:18327-1

Op zaterdag 13 januari 2024 is de wedstrijd HWP 2 – HWP 3 uit de negende ronde in klasse 3 F vooruit gespeeld.

De wedstrijd was te volgen via onderstaande link:

https://view.livechesscloud.com#e51dce59-4f74-4083-b00c-c04c3edaf738

Terwijl Johan de Zwart toekijkt, zijn de partijen begonnen. V.l.n.r.:Kurt tegen Jacob, Erik tegen Randy, Rudy tegen William, Lander tegen Nils, Gert tegen Wonder, Gilbert tegen Harry en Manuel tegen Servaas. Achter Johan gaat zijn tegenstander Arne schuil,

Met een voordeel van gemiddeld zo’n 170 elopunten en – 35 jaar, is een jeugdig HWP 2 – geschraagd door de onverwoestbare Harry Provoost – over het derde team heen gewalst. Aanvankelijk leek zich nog een interessante wedstrijd te ontspinnen, maar naarmate de tijd vorderde en de jaren meer en meer gingen tellen, werd duidelijk dat er voor de oude getrouwen weinig eer te behalen zou zijn. De eerste tekenen van naderend onheil waren te zien op de borden van de gebroeders van de Wynkele, die allebei slecht uit de opening waren gekomen. Dat lag misschien aan het feit dat er te elfder ure een bericht binnenkwam van een teamleider-op-leeftijd en – afstand, met de instructie dat Rudy en Erik van bord en kleur moesten wisselen ten opzichte van de oorspronkelijke opstelling. Redenen daarvoor werden niet gegeven en de heren weigerden dan ook vriendelijk doch beslist. Wellicht heeft deze consternatie ieder voordeel van de familiale kleurverdeling teniet gedaan. Rudy wist zijn lijden lang en maximaal uit te nutten tegen een gedecideerde William Boudry, die de stukken goed bleef neerzetten en op uitgekiende wijze bij iedere afruil zijn voordeel wist te vergroten. Misschien dat Rudy in de toekomst een keer de rokade kan uitproberen, die heeft soms voordelen ten opzichte van al dat gewandel met de koning. Erik kwam overigens ook nooit aan rokeren toe en kon als eerste de stukken in het doosje doen na een vernietigende infiltratie van een dame en paard, gehanteerd door topscorer Randy van Houtte (inmiddels 4 uit 4). Zwart speelde één zet te laat a6 om het paard op b5 te verjagen en werd daarna prachtig opgebracht.

Daarna was het de beurt aan Harry (de gelegenheidscaptain) om een punt bij te schrijven. Hij maakte al vroeg een pionnetje buit tegen Gilbert Ongena en buitte daarna een open e-lijn zo goed uit dat het hem een stuk opleverde. Ook Harry scoort er dit seizoen lustig op los met 4,5 uit 5.

Rond vijf uur begon zich dan een grote overwinning af te tekenen voor HWP 2. Gert van Rij leek zich lange tijd aardig te redden met zwart in een strategische manoeuvreerpartij, maar toen hij met zijn dame wat dieper in de vijandelijke linies kroop, werd hij het slachtoffer van een paar venijnige paardzetten en dito -vork, zodat hij een kwaliteit moest inboeten. Aanvullend stukverlies in extreme tijdnood deed hem vervolgens de vlag strijken. Dat strijken van de vlag werd in het aangrenzende, dramatische duel tussen Lander van Coppenolle en Nils Vantorre uitgevoerd door de DGT 3000. Nils dacht dat hij de veertig (zetten, niet leeftijd) had gehaald, maar bleek ergens een zet twee keer te hebben genoteerd. Zo kwam er een onverwacht einde aan een partij die hij anders ongetwijfeld had gewonnen, hoewel hij in de opening een harde tik op zijn neus had gekregen door een goed getimed e5 tegen zijn Modern Defence. Lander moet toen zo goed als gewonnen hebben gestaan, maar raakte de draad kwijt door eerst een paard te deplaceren en vervolgens na de venijnige verdediging Ld5! een stuk te geven tegen twee pionnen, in plaats van een remise-achtig toreneindspel in te gaan. Zo won ook hier de jongere (Lander is 14) van de oudere (Nils is 15) en bleef HWP 3 een beschamende 8-0 nederlaag bespaard. Want Manuel Colsen werd vervolgens op een keurige en opmerkelijk volwassen manier van het bord gezet door Servaas Dhooge (hij wordt vandaag al dertien jaar oud, proficiat!) in een Caro-Kann met tegenovergestelde rokades. De manier waarop Servaas de koningsaanval uitvoert is instructief. En Johan de Zwart speelde weliswaar een uitstekende partij met een theoretisch pionoffer tegen Arne Nemegeer, won die pion terug, offerde er opnieuw (en onnodig volgens eigen zeggen) eentje om eeuwig schaak af te dwingen in een dame-eindspel, maar zag vervolgens door vermoeidheid een schaakje over het hoofd waardoor de dames konden worden geruild, hetgeen een verloren pionneneindspel tot gevolg zou hebben gehad. Complimenten overigens voor de vasthoudendheid waarmee Arne alles uit de stelling bleef persen.

Rest ons nog het titanengevecht aan het eerste bord. Kurt van Coppenolle hanteerde daar de witte stukken en deed dat (ook naar eigen zeggen) te passief. Er ontstond een dichtgeschoven stelling met een open e-lijn, waarin op het eerste gezicht weinig aan de hand was en – gebeurde. Stukken werden zowel door Kurt als zijn sterke opponent Jacob Dreelinck plechtig en schier oeverloos heen en weer geschoven en een argeloze en/of minder getalenteerde toeschouwer (zoals ik) zou verwachten dat op enig moment al even plechtig de handen zouden worden geschud en de vrede getekend. Niets was echter minder waar, want zoals de spelers mij fijntjes na afloop wisten te vertellen, verschilden de witte en zwarte opstelling op één cruciaal punt: de voorpost op de e-lijn was voor de zwarte lichte stukken wel bereikbaar en voor de witten niet. En toen die voorpost eenmaal werd ingenomen, zag wit zich genoodzaakt een kwaliteit te geven. Die kreeg hij weliswaar ook vlot weer terug, maar toen werd duidelijk dat de zwarte monarch en resterende loper veel sterker waren dan de koning en het paard van wit.

Deze uitslag betekent dat het tweede team uitzicht houdt op het kampioenschap en dat het lot van het derde team aan een zijden draadje hangt. Veel, zo niet alles, gaat afhangen van de wedstrijden in de zesde ronde op 3 februari in Rotterdam, tegen respectievelijk RSR Ivoren Toren en Erasmus.

Lees verderHWP 2 – HWP 3: jonkies maken gehakt van oudjes

HWP 3 verliest van de Rode Lantaarn

HWP Sas van Gent 3RatingSouburg 1Rating
Wynkele van de, E. (Erik)2017Tiggelman, R. (René)21990 – 1
Verbruggen, S. (Samuel)1945Alders, R.M. (Roeland)2010½ – ½
Vreede van de, J.J. (Jim)1965Kaap van der, J. (Jos)21800 – 1
Wynkele van de, R. (Rudy)1955Gemert van, R. (Rogier)18910 – 1
Zwart de, J. (Johan)1895Bosters, R. (Robin)20880 – 1
Snijders, F. (Frans)1794Toetenel, M.P. (Max)1790½ – ½
Zalm van der, M. (Marnix)2062Schroevers, R.J.M. (Roel)17711 – 0
Dhooge, S. (Servaas)1657Westerweele, H. (Henrik)19411 – 0
Gemiddelde Rating:1911Gemiddelde Rating:19843-5

Dat klinkt wat erger dan het is. Dat Souburg na 4 ronden puntloos onderaan zou staan in 3F had helemaal niemand verwacht. Ook had niemand verwacht dat we daar wel even een vijfde nederlaag aan toe zouden gaan voegen. Daar heeft het eigenlijk ook geen moment naar uit gezien, hoewel ergens nog wel een 4-4 in beeld was.

Rudy was als eerste klaar na met de dame een giftig pionnetje op h6 genomen te hebben. Na Lf4 kon de zo slecht behandelde dame geen kant meer op. Ondertussen zat aan bord 8 onze jonge Servaas tegen Henrik Westerweele te schaken, die een kleine 300 elopunten meer had. Daar liet Servaas zich niet door imponeren en in een Dg4 variant van het Frans greep hij de pionnetjes op g7 en h7, en sloot daarna ook nog een toren op. Hij gaf het materiaal ook niet meer terug, en dat was 1-1.

Op dat moment had ik zelf een aardige stelling, met name door het wat passieve spel van Max Toetenel, en Marnix stond overwegend. Jim had een lichte min maar hij is taai. Johan had het ronduit lastig en Eric stond eigenlijk bijna gelijk maar Tiggelman had wel steeds initiatief. Samuel stond naar mijn inschatting -maar wat is die waard?- iets beter. Het kon toch nog wel alle kanten op.

Maar toen verloren Jim en Johan en gaf ik mijn voordeel weg en zag niets beter dan remise aannemen. Vervolgens bleek tot mijn verbazing dat Eric had opgegeven in een houdbare stelling en daarmee hadden de Souburgers de overwinning binnen. Dat Marnix daarna nog won was natuurlijk mooi maar deed er niet meer toe. Samuel die het toch nog moeilijk had gekregen haalde ons laatste halfje.

Lees verderHWP 3 verliest van de Rode Lantaarn

Sterk HWP 3 loopt Goes 1 onder de voet

Goes 1RatingHWP Sas van Gent 3RatingRonde 4
Nieuwenhuijse, L.C.J. (Louis)1987Verbruggen, S. (Samuel)1934½ – ½
Grochal, J. (Joey)2213Wynkele van de, E. (Erik)2010½ – ½
Groen, J. (Jari)1949Coppenolle van, K. (Kurt)20680 – 1
Burgerhoff, M.J. (Rinus)1868Zalm van der, M. (Marnix)2080½ – ½
Braak van de, J. (Joey)1895Wynkele van de, R. (Rudy)19440 – 1
Kloosterman, E.G.J. (Erwin)1830Vreede van de, J.J. (Jim)19610 – 1
Feijter de, D.C. (David)1736Coppenolle Van, L. (Lander)18210 – 1
Welten, J.S.P. (Hans)1774Dutré, W. (Wonder)19010 – 1
Gemiddelde Rating:1907Gemiddelde Rating:19651½-6½

Niet dus, maar toekomstige tegenstanders die zich nergens in willen verdiepen en al hun meningen op one-liners baseren (zo ademt de tijdgeest), moeten worden ontmoedigd. Het komt overigens wel vaker voor dat een redacteur bij een artikel een kop maakt die de lading niet helemaal dekt. Maar zelden is er sprake van geweest van een grotere desinformatie dan de kop boven dit stuk. Ja, we hadden een heel sterk derde team op de been weten te brengen en waren voor één keer dan ook favoriet in de Goese koelkast. Maar nee, een makkelijke wedstrijd werd het beslist niet.

De ontmoetingen in dat schoolgebouw hebben voor mij altijd iets drieslachtigs gehad. Ten eerste is de sfeer er altijd vriendelijk en gemoedelijk, ten tweede is het er altijd steenkoud en ten derde zijn we er in mijn beleving ook altijd met lege handen vertrokken (mogelijks ontregeld door de eerste twee factoren). Wellicht komt het doordat teamleider Hans Welten ons expliciet aangeraden had om ons warm te kleden, want uiteindelijk keerden we deze keer met 2 matchpunten en een karrevracht aan bordpunten huiswaarts. Maar o, o, wat had het anders kunnen lopen.

Laat ik beginnen met de onberispelijken van deze middag. Eric was als eerste klaar. Hij maakte bijzonder veel indruk door in een Stonewall met de zwarte stukken zijn tegenstander op de damevleugel (!, het was een echte Grochal-stelling) zo goed op te vangen, dat hij in een betere stelling remise aangeboden kreeg. Na een kort rondje langs de borden heb ik hem desgevraagd zelf de keuze gelaten, waarna hij begrijpelijkerwijs met de puntendeling genoegen nam.

Al evenveel indruk maakten de van Coppenolles deze namiddag. Zij hebben een lastige tijd achter de rug en ik had de indruk dat dat ook in hun spel terug te zien was in het begin van het seizoen. Maar hun tweevoudige optredens tegen Goes (ZSB en KNSB) doen vermoeden dat ze het ergste achter de rug hebben en dat ze hun ware schaakkracht aan het hervinden zijn. Ze deden me deze namiddag denken aan een krokodil en een boa constrictor. Zoon Lander zette zijn partij rustig op, maar toen zijn tegenstander lang rokeerde lanceerde hij een gewelddadige koningsaanval die de zwarten zwaar verminkt achterliet. Vader Kurt deed het met kleinere middelen, al had hij in de opening geruime tijd een pion in de aanbieding. Een klassieke aanvalsstelling met een witte pion op e5 (die zwart er dus maar niet af had durven te slaan) en een betere witte loper, leidde tot een paard op d6 en een gat op f6, waarna onderste-rij ellende het lot van het grote jeugdtalent van Goes Jari Groen bezegelde.

Schier vlekkeloos was ook het optreden van Jim. Hij kreeg zijn geliefde Aangenomen Damegambiet op het bord. Ik heb soms de indruk dat niemand (op de hele wereld) die stellingen beter begrijpt dan Jim. Hij geeft die pion wel weer een keer terug, maar tegen die tijd heeft hij een klein voordeeltje te pakken en daarna wil je eigenlijk zijn tegenstander niet meer zijn. De laatste der onberispelijken die ik hier wil noemen, is good-old Rinus Burgerhoff, mijn tegenstander. Ik probeerde in een Leningrader steeds complicaties te zoeken en zoveel mogelijk spel te houden, maar Rinus speelde gewoon een aantal paarden heen en weer tussen f3, d2 en e4 en ving ook een laatste venijnigheid rustig op, waarna een potremise toreneindspel resteerde en de vrede werd getekend. Ik moest daar overigens wel even over nadenken, want op dat moment waren de kansen op verschillende borden in ons nadeel gekeerd, zo leek het. Maar doorspelen terwijl ik een pion zou inboeten, leek me toch iets te gortig. Leerzaam was vervolgens wel dat volgens de computer mijn actieve koning die pion ruimschoots zou hebben gecompenseerd, zonder dat dat overigens tot echte winstkansen had geleid.

Zo kwamen we dus op 4-1 en resteerden nog de partijen van Samuel, Rudy en Wonder. Wildemannen, avonturiers, zelfkastijders, echte krijgers toonden zij zich. Onze kopman Samuel voerde in een voor mij ongrijpbare Siciliaan met tegenovergestelde rokades de witte stukken. Hij leek mij niet geweldig uit de opening te komen, kreeg toch als eerste aanvalskansen, had toen ineens een toren minder – en een lawine aan pionnen over zich heen gekregen, waarna hij eeuwig schaak gaf. Duizelingwekkend allemaal en petje af voor de grote, niet aflatende concentratie waarmee onze man weer achter het bord zat.

Wonder mocht voor de tweede keer dit najaar aantreden tegen Goes en nadat hij met HWP 2 Jari Groen kundig had opgeknapt (althans volgens Kees), leek nu Hans Welten er vlot aan te moeten geloven. Hans speelde de Cambridge-Springs precies zo tegen als het niet moet en Wonder incasseerde gretig het pionnetje op a2. Daarna sloop er echter wat onzekerheid in Wonder en de zwartveldige loper van zijn tegenstander slaagde erin om zijn ontwikkeling te verstoren. Tijdnood was het gevolg en Wonder boette verschillende pionnen in. In de tussentijd was mijn partij geëindigd en ging ik even analyseren met Rinus. Bij terugkomst had onze jongeman weliswaar nog steeds een paar pionnen minder, maar wel een extra paard. En dat gebruikte hij kundig om arme Hans binnen de kortste keren mat te zetten. Het kan verkeren, zullen we maar zeggen, en schaken is een wrede sport. Wat overigens ook Joey van de Braak zal beamen, want die dolf in een tamelijk krankzinnige partij het onderspit tegen Rudy op een manier die eenieder die erbij was nog lang zal heugen. Zoals wel vaker, zette Rudy zijn stukken in de opening anders neer dan anderen zouden doen. Dit keer deed hij dat echter zo anders en zo ondoelmatig, dat zijn tegenstander na afloop zei dat hij zich afvroeg of Rudy überhaupt wel wílde schaken. Zwart kwam dus al gauw veel beter te staan en de oudere van de Wynkele kon slechts lijdzaam zijn gruwelijk passieve stelling aanzien. Voor neutrale en Goese toeschouwers was het vermakelijk om te zien hoe een zwart paard op b3 een witte toren op a2 voor eeuwig in zijn greep leek te hebben. Het het wachten was op de grote doorbraak elders, maar zie, na mijn analyse met Rinus bleek dat Rudy een pionnetje had buitgemaakt en daarmee twee verbonden vrijpionnen had gekregen. Nog leek de stelling verloren, maar Rudy speelde onbekommerd verder, ging met zijn koning moedig voorwaarts en nog enkele fouten later moest zijn tegenstander hem mismoedig de hand schudden. Waarna Eric er weer als de kippen bij was om zijn broer te laten zien hoe verloren hij had gestaan, hetgeen met een vermoeide glimlach schaapachtig werd beaamd. En op het bord stonden nog steeds dat paard op b3 en die toren op a2 …

Zo eindigde een enerverende middag met een bemoedigend resultaat, waardoor we nog altijd een kans hebben om ons te handhaven, ondanks de versterkte degradatie-regeling, waardoor zelfs de slechtste nummers 7 in de derde klasse dit seizoen zullen degraderen.

Lees verderSterk HWP 3 loopt Goes 1 onder de voet

HWP 3 kansloos ten onder tegen RSR Ivoren Toren

 HWP Sas van Gent 3 RSR Ivoren Toren 1  
1Coppenolle van, K. (Kurt)2068Rosmalen van, J. (Joost)21040 – 1
2Verbruggen, S. (Samuel)1934Batenburg van, M. (Mees)2250½ – ½
3Zwart de, J. (Johan)1901Achuthan, D. (Dylan)20900 – 1
4Coppenolle Van, L. (Lander)1821Mohtaat, H. (Homayoun)20530 – 1
5Rij van, G.K. (Gert)1791Aarts, J.S.D. (Joaquin)19290 – 1
6Dhooge, S. (Servaas)1660Spaan, N. (Nathanael)20570 – 1
7Ongena, G. (Gilbert)1555Gortemaker, L. (Lucas)20250 – 1
8Vreede van de, J.J. (Jim)1961Muntslag, B.A. (Bas)1830½ – ½
 Gemiddelde Rating:1836Gemiddelde Rating:20421-7

Al voor aanvang van de wedstrijd was het duidelijk dat het een zware middag voor ons zou worden. Hoewel Ivoren Toren niet op zijn sterkst opkwam, bedroeg het ratingverschil ruim 200 elopunten. Maar ja, elke wedstrijd moet worden gespeeld en wonderen zijn de wereld niet uit. Alleen deze middag was er geen sprake van een wonder.

De eerste keer dat ik tijd nam om langs de borden te gaan waren mijn indrukken:

  • Samuel had tegen hun sterkste tegenstander duidelijk het initiatief wellicht zat hier een verrassing in;
  • Kurt, Lander en ik hadden gemeen dat wij moesten verdedigen maar dat wij beslist nog niet verloren stonden;
  • Bij Jim en Gert leek nog weinig aan de hand;
  • Servaas had een aardige aanvalsstelling bereikt (wel ten koste van een pion); kon alle kanten op;
  • Gilbert had een creatieve rokade van zijn dame bedacht om de stelling bij elkaar te houden maar het leek mij toch dat zijn tegenstander de enige was met winstkansen.

En toen stond het 0,5 – 3,5.  Gilbert moest toch vrij vroeg de vlag strijken; Lander leek af te wikkelen naar een remise-eindspel maar toen ik tien minuten later weer keek was het een hopeloos verloren eindspel. Hoe het bij Kurt fout ging heb ik niet verder kunnen constateren. Ondertussen was de partij van Samuel in remise geëindigd. Conclusie op de vroege middag: dit ging niet goed komen. Toen vervolgens de aanval van Servaas niet doorsloeg was het pleit al beslecht. De partij van Jim eindigde ook in remise – had niet het idee dat hier veel meer in zat.

Voor wat betreft mijn eigen partij kon ik door een pionoffer behoorlijk wat tegenspel krijgen. In de tijdsnoodfase pakte mijn jeugdige tegenstander het toch tactisch wat handiger aan waardoor ik na de 40ste zet tegen een hopeloze stelling aankeek. Nog even gerekt om de nederlaag te verwerken.

Gert was ondertussen beland in een toreneindspel dat hij moest keepen. Waarschijnlijk was het objectief remise maar zijn jonge tegenstander bleef maar duwen en trekken. Uiteindelijk met succes. De eindstand van 1-7 was eerlijk gezegd een redelijke weergave van de krachtsverschillen.

De volgende dag gekeken naar Netstand. Conclusie ons tweede doet mee voor de kampioenschap en de overige Zeeuwse clubs moeten net zoals wij vechten tegen degradatie. Het slechte nieuws is dat er ongetwijfeld 2 of 3 Zeeuwse clubs gaan degraderen. Het goede nieuws is dat wij nog steeds kansen hebben op lijfsbehoud.

Op naar de volgende ronde tegen Goes, wat een spannende wedstrijd belooft te worden.

Lees verderHWP 3 kansloos ten onder tegen RSR Ivoren Toren

Einde van de inhoud

Geen pagina's meer om te laden